Toen eind jaren 90 gezocht werd naar een vervanger van onze F-16s, keek de Nederlandse luchtmacht al snel naar onze trouwe bondgenoot Amerika. Samen zouden we het meest geavanceerde gevechtsvliegtuig ooit kunnen gaan bouwen: de Joint Strike Fighter. Na lang politiek gesteggel zet premier Kok in 2002 zijn handtekening. Maar er waren toen ook twijfels over onze afhankelijkheid van Amerika. Waarom werd daar niet naar geluisterd?
Terwijl de Nederlandse regering vol inzet op een megadeal met de Amerikaanse vliegtuigbouwer Lockheed Martin, probeerden Europese fabrikanten nog een voet tussen de deur te krijgen. Waarom werden Europese alternatieven aan de kant geschoven? Toen de kosten sterk opliepen dreigde een Kamermeerderheid de aanschaf van de JSF nog tegen te houden. Maar de Nederlandse regering wilde bondgenoot Amerika niet tegen de schenen schoppen en tekende voor een langdurige afhankelijkheid van de VS.
Met de herverkiezing van Donald Trump en zijn toenadering tot Vladimir Poetin staat het bondgenootschap met Amerika onder druk. Kunnen wij nog wel rekenen op de Verenigde Staten? Wat gebeurt er met de F-35's als we die willen inzetten voor een actie waar de Amerikaanse president het niet mee eens is? Heeft Trump een kill switch waarmee de F-35's dan onbruikbaar worden?